Alexei Ogrintchouk wordt werelwijd geprezen om zijn verbluffende techniek en virtuositeit, gepaard met een diepgaand gevoel voor lyriek en originele musicaliteit. In 2005 werd hij benoemd tot solohoboïst van het Koninklijk Concertgebouworkest. Hiervor was hij solohoboïst van het Rotterdams Philharmonisch Orkest onder Valery Gergiev.

Ogrintchouk combineert zijn orkestleven met een groeiende carriere als solist en dirigent. Zo dirigeerde hij al het Camerata RCO (Royal Concertgebouw Orchestra), Orchestre de Besancon, Amsterdam en Riga Sinfonietta, Kremerata Baltica, Orquesta Barroca de Sevilla, Swedish Chamber Orchestra, Lithuanian Chamber Orchestra en het Verbier Festival Chamber Orchestra. Als solist was hij te horen onder de leiding van dirigenten als Mariss Jansons, Valery Gergiev, Fabio Luisi, Daniel Harding, Andris Nelsons, Gianandrea Noseda, Stephane Deneve, Tugan Sokhiev, Jaap van Zweden en Susanna Malkki; en soleerde hij met vele toonaangevende orkesten, onder meer het Koninklijk Concertgebouworkest, Rotterdam Philharmonisch Orkest, Budapest Festival Orchestra, Orchestre de l'Academia Nazionale di Santa Cecilia, Kontzerthausorchester Berlin, Beethovenhalle Orchestra Bonn, Basel Symphony Orchestra, Stavanger Symphony Orchestra, alle BBC orkesten, Royal Philharmonic Orchestra, Royal Scottish National Orchestra, Orchestre Philharmonique de Monte-Carlo, Orchestre National du Capitole de Toulouse, Orchestre de la Suisse Romande, Orchestre National de Belgique, Europa Galante, orkesten van de Bolshoi en Mariinsky theaters, Russian National Orchestra, en Kremerata Baltica.

Als kamermusicus werkte Ogrintchouk samen met grootheden als Gidon Kremer, Leonidas Kavakos, Julian Rachlin, Fabio Biondi, Dmitri Sitkovetsky, Nikolai Znaider, Yuri Bashmet, Tabea Zimmermann, Maurice Bourgue, Radu Lupu, Leif Ove Andsnes, Jean-Yves Thibaudet, Alexander Lonquich, Sergio Azzolini, Thomas Quasthoff, Misha Maisky, alsook de strijkkwartetten Belcea, Ebene, Sine Nomine en Tokyo. Hij is regelmatig te horen in de grote concertzalen en op festivals zoals BBC Proms, MIDEM, Colmar, Lockenhaus, Verbier, Luzern, Berliner Festspiele, Santa Cecilia, Edinburgh International Festival & the White Nights, Svyatoslav Richter December Nights en Easter Festival in Rusland.

Zijn eerste cd met werken van Schumann kwam uit op de Harmonia Mundi reeks "Nouveau musicians" en mocht rekenen op lovende kritieken. Zijn discografie omvat de wereldpremière van het langzame deel van Beethoven’s hoboconcerto (Raptus Classics), muziek van Britten (Record One), Skalkotas (Bis Records), en Mozart’s hoboconcerto met het Concertgebouw Kamerorkest (Pentatone). Zijn drie meest recente albums omvatten onder meer de hoboconcerti van Bach, het hoboconcerto en -kwartet van Mozart, een recital van 20ste eeuwse muziek en het hoboconcerto van Strauss (BIS Records).

Ogrintchouk studeerde aan de Gnessin School in Moskou en soleerde al op zijn dertiende in Rusland, Europa en Japan. In 1995 werd hij toegelaten aan het Conservatoire National Supérieur de Musique in Parijs, waar hij afstudeerde met eerste prijzen voor hobo en kamermuziek. Zijn docenten waren onder meer Maurice Bourgue, Jacques Tys en Jean-Louis Capezzali. Hij won het CIEM-Concours van Genève, twee Victoires de la Musique, de Triumph Prijs in Rusland en een Borletti-Buitoni Trust Award.

Daarnaast volgde Ogrintchouk zijn voormalige docent Maurice Bourgue op als professor aan de Haute École de Musique de Genève, en geeft hij regelmatig masterclasses.

concerten met Alexei Ogrintchouk