De zinnen die de stervende Jezus uitsprak – ook wel kruiswoorden genoemd – kan men terugvinden in de vier evangeliën. Haydn's Die sieben letzten Worte unseres Erlösers am Kreuze maakt deel uit van een intussen lange traditie van het verklanken van deze zeven laatste woorden.

Johannes XIX: 17-18

Ze namen dus Jezus gevangen. En zelf Zijn kruis dragend trok Hij naar de zogenaamde Schedelplaats, of ‘Golgotha’ in het Hebreeuws. Daar nagelden ze Hem aan het kruis.

Susceperunt Jesum, et eduxerunt. Et bajulants sibi, exivit in eum qui dicitur Calvariae locum, hebraice autem Golgotha, ubi crucificrunt cum.

Lucas XXIII: 34

En met Hem de misdadigers, de ene rechts, de andere links. Jezus zei: “Vader, vergeef het hen, want ze weten niet wat ze doen.”

Et latrones, unum a dextris, et alterum a sinitris. Jesus autem decebat: "Pater, dimitte illis ; non enim sciunt quid faciunt".

Lucas XXII: 39-43

Een van de gekruisigde misdadigers hoonde Hem: “Zijt Gij niet de Christus? Red dan Uzelf, en ons ook.” Maar de andere wees hem terecht door te zeggen: “Gij vreest zelfs God niet, terwijl ge toch hetzelfde vonnis ondergaat! Onze straf is gerechtvaardigd. Wij krijgen wat we door onze daden hebben verdiend. Maar Hij heeft niets verkeerds gedaan.“ En hij ging verder: “Jezus, denk aan mij als Gij in Uw Koninkrijk komt.“ En Jezus antwoordde: “Voorwaar, Ik zeg het u: vandaag zult ge met Mij in het Paradijs zijn.“

Unus autem de his qui pendebant latronibus, blasphemabat eum, dicens: Si tu es Christus, salvum fac temetipsum, et nos. Respondens autem alter increpabat eum, ducens : Neque tu times eum, Quod in cadem damnatione es. Et nos quidem juste, nam digna factis recipimus, hie Jesum : Domine memento mei, cum veneris in regnum tuum. Et dixit illi Jesus. Amen dico tibi, "hodie mecum eris in Paradisio".

Johannes XIX: 25-27

Bij Jezus‘ kruis stonden Zijn moeder, de zuster van Zijn moeder, Maria – de vrouw van Klopas – en Maria Magdalena. Toen Jezus Zijn moeder zag, en bij haar de leerling die Hij verkoos, zei Hij haar: “Vrouw, ziedaar uw Zoon“.

Stabant autum juxta crucem Jesu mater ejus, et sonor matris ejus. Maria Cleophae, et Maria Magdalene. Cum vidisset ergo Jesus matrem, et discipulum standem quem diligebat, dicit matri suae: "Mulier ecce filius tuus."

Matteüs XXVII: 45-47

Vanaf het zesde uur viel de duisternis neer over het hele land, tot aan het negende uur. Rond het negende uur riep Jezus met luide stem: “Eli, Eli, lema sabachtani?“, wat betekent: “Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten?“

A sexta autem hora tenebrae factae sunt super universam terram usque ad horam nonam. Et circa horam nonam clamavit Jesus voce magna, dicens: "Eli, Eli, lamma sabacthani ?" hoc est: "Deus meus, Deus meus, ut quid dereliquistime ?"

Johannes XIX: 28-29

Toen Jezus wist dat alles volbracht was en om de Schrift volledig in vervulling te laten gaan zei Hij: “Ik heb dorst“. Er stond daar een kruik vol zure wijn. Ze drenkten er een spons in, staken die op een hysopstengel en brachten die naar Zijn mond. Toen Jezus de zure wijn tot Zich had genomen zei Hij: “Alles is volbracht“.

Postea sciens Jesus quia omnia consummata sunt, ut consummaretur Scriptura dixit: "Sitio". Vas ergo erat positum aceto plenum. Illi autem spongian plenam aceto, hyssopo circumponentes, obtulerunt oris ejus. Cum ergo accepisset Jesus acetum, dixit: "Consummatum est".

Lucas XXIII: 44-46

Het werd donker in de hele streek... Toen scheurde het voorhangsel van de tempel middendoor en riep Jezus luidkeels: “Vader, in Uw handen beveel Ik Mijn geest“.

Tenebrae factae sunt in universam terram... Et obscuratus est sol, et velum templi scissum est medium. Et clamans voce magna Jesus ait: "Pater, in manus tuas comendo spiritum meum".

Info concert