Brussels Philharmonic | Atelier Vivaldi

Atelier Vivaldi

PROGRAMMATOELICHTING

geschreven door ESTHER DE SOOMER

Antonio Vivaldi
Concerto in Re maggiore per archi e basso continuo, RV 121 (1717)
Concerto in mi maggiore per violino e orchestra "La primavera", op. 8 n. 1, RV 269 (1725)
Concerto in fa maggiore per quattro violini, violoncello, archi e basso continuo, op. 3 n. 7, RV 567 (1711)
Concerto in sol minore per archi e basso continuo, RV 156 (1720-1725)
Sinfonia in sol maggiore per archi e basso continuo, RV 149: I. Allegro molto (1740)

[bekijk alle toelichtingen]

-----

08.05.2026 164VANVOLXEM BRUSSEL

Stories, samples & cinema

de eeuwige terugkeer van Vivaldi

Van Carnegie Hall tot de wachtlijn van een willekeurige klantendienst, van The Simpsons tot autoreclames, van James Bond tot het metroperron: de muziek van Antonio Vivaldi is overal.
Maar hoe komt het dat een Italiaanse barokcomponist vandaag nog altijd zo populair is, zowel op de klassieke podia als in de popcultuur?

Vivaldi

Laat ons er een filmscène bij nemen om het fenomeen Vivaldi wat beter te begrijpen. In Portrait de la jeune fille en feu van Céline Sciamma, een prent die zich afspeelt in 1770, zitten twee jonge vrouwen, Marianne en Héloïse, aan een klavecimbel (video). Héloïse vraagt hoe een orkest klinkt - ze heeft er nog nooit een gehoord. Dus speelt Marianne voor haar: een dalend motief, bijpassende akkoorden. Ondanks de historische afstand is de scène een feest van herkenning voor de hedendaagse kijker. Weinig klassieke werken zijn zo algemeen gekend als De vier jaargetijden.

Terwijl Marianne speelt, beschrijft ze de zomerstorm die doorklinkt in de noten. Ze heeft het over de insecten die onrustig worden, de wind, de bliksem, de donder. Precies het narratieve karakter van deze muziek verklaart waarom ze zo aanspreekt. Vivaldi was een pionier op vlak van programmamuziek - muziek die een verhaal vertelt. Aan De vier jaargetijden voegde hij sonnetten toe die precies beschrijven wat er muzikaal te horen is. De gedichten waren dan wel van matige literaire kwaliteit, deze aanpak maakte van de vier concerto’s wel een instant hit. Ook niet onbelangrijk: met veelzeggende titels als Le Quattro Stagioni, La Tempesta di Mare of La Stravaganza, zette Vivaldi de toon van het verhaal nog voordat de eerste noot geklonken heeft. Hij had al lang vóór componisten als Haydn en Berlioz begrepen dat storytelling directer op het gemoed speelt en dus beter blijft hangen dan een abstracte compositie.

Terwijl Marianne vertelt aan het klavecimbel, herhaalt ze de dalende lijn van de melodie, opnieuw en opnieuw. Het motief is niet ingewikkeld en blijft hangen - net zoals Héloïses blik blijft hangen aan Marianne. De erotische spanning is te snijden. Nog zo’n element dat Vivaldi’s muziek onweerstaanbaar maakt: herhaling. Zijn handelsmerk was het ritornello, waarbij een muzikaal thema aan het begin van een werk wordt voorgesteld om het dan in allerlei variaties te herhalen - een soort barokversie van de sample, zeg maar. Een catchy techniek die navolging vond bij veel tijdgenoten, waaronder Johann Sebastian Bach. Hij had Vivaldi’s werk uitgebreid bestudeerd, onder meer met transcripties voor klavecimbel. Het waren vooral die ritornello’s waar hij mee aan de slag ging in zijn eigen werk, met zijn Brandenburgse Concerten als bekendste voorbeeld. Zijn zonen, Carl Philipp Emmanuel en Johann Christian, verwerkten die invloed op hun beurt in hun concerto’s.

Hoe geliefd Vivaldi ook was tijdens zijn leven, zijn populariteit bleef niet duren. De barokstijl raakte uit de mode en na zijn dood werd hij grotendeels vergeten. Hoe komt het dan dat we hem vandaag zowel in de concert- als in de wachtzaal horen? Daar zit de cinema misschien wel voor iets tussen. In de twintigste eeuw werden heel wat manuscripten van Vivaldi herontdekt. De Amerikaanse sterviolist Louis Kaufmann begon zich in het werk van de barokcomponist te verdiepen. Toen hij in 1947 de Vier jaargetijden opvoerde in Carnegie Hall was Vivaldi na twee eeuwen sluimerstand weer helemaal hot. Het is wellicht geen toeval dat uitgerekend Kaufmann zo’n rol speelde bij zijn herontdekking. De violist was kind aan huis in Hollywood (hij speelde onder meer op de soundtrack van Gone with the Wind en Casablanca) en had een neus voor tot de verbeelding sprekende muziek met soundtrackallures. Sindsdien heroverde Vivaldi niet alleen de klassieke podia, maar is hij ook niet langer weg te denken uit popcultuur en cinema, van romcoms over kostuumfilms tot actieprenten. Zijn beroemde Concerto alla rustica komt even goed tot zijn recht in Bob Fosses All That Jazz als in Sofia Coppola’s Marie Antoinette.

In Portrait de la jeune fille en feu rijdt Marianne zich na een aantal pogingen vast in Vivaldi’s Vier jaargetijden. De rest van de muziek zal je zeker leren kennen als je naar Milaan verhuist, zegt ze tegen Héloïse, dat is een stad vol muziek. Het zinderende slot van de film maakt die voorspelling helemaal waar.

Vivaldi keert altijd terug.

Ritornello, iemand?