Brussels Philharmonic | Rachmaninov 2

Rachmaninov 2

PROGRAMMATOELICHTING

geschreven door AURÉLIE WALSCHAERT

Sergei Rachmaninov Symfonie nr. 2 in e, op. 27 (1907)*

[bekijk alle toelichtingen]

-----

20.03.2026 FLAGEY BRUSSEL

Sergei Rachmaninov (1873-1943) combineerde nagenoeg zijn hele leven een carrière als componist met die van pianist, waarmee hij de traditie componist-virtuoos verderzette. Hij pendelde voortdurend tussen de grootsteden Moskou en Sint-Petersburg, en zijn landgoed Ivanovka op het Russische platteland, waar hij in alle rust het grootste deel van zijn oeuvre componeerde.
Hij wordt door velen gezien als één van de laatste grote romantische componisten en de belangrijkste opvolger van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski (1840-1893). Bij het grote publiek is vooral zijn Tweede Pianoconcerto bekend, maar ook zijn Tweede Symfonie blijft met haar passionele melodieën en rijke orkestratie één van de favoriete werken uit het symfonische repertoire.

Een beloftevolle toekomst

Rachmaninov had het geluk geboren te worden in een welgestelde en muzikale familie: zijn grootvader aan vaderskant componeerde na zijn loopbaan als officier liederen en salonmuziek, en zijn moeder gaf hem zijn eerste lessen aan de piano. Door de kwistige levensstijl van zijn vader, bleef er van het uitgestrekte familielandgoed al snel weinig over. Ook het huwelijk van zijn ouders hield niet lang stand, en zo verhuisde de jonge Rachmaninov met zijn broers, zussen en moeder naar een klein appartement in Sint-Petersburg. Daar trad hij als tiener toe aan het conservatorium, maar het ontbrak hem aan motivatie om te studeren. Op aanraden van een neef, pianist en dirigent Alexander Siloti, werd hij naar Moskou gestuurd. Hij mocht er les volgen bij de gerenommeerde maar strenge pianodocent Nikolaj Zverev. Diens ijzeren discipline werkte wonderwel voor Rachmaninov. Bovendien maakte hij dankzij Zverev kennis met het professionele muziekleven in Moskou. Niet veel later werd Rachmaninov ook toegelaten tot de harmonieklas van Arenski. Het werd snel duidelijk dat hij buitengewoon getalenteerd was: in 1888 studeerde hij af met de hoogste onderscheiding voor muziektheorie, en in 1892 legde hij zijn examen voor piano en compositie één jaar eerder af dan voorzien – een prestatie die bekroond werd met een gouden medaille.

Al meteen na zijn afstuderen werd Rachmaninov gezien als een volwaardig componist, die bovendien de steun van Tsjaikovski genoot. Hij had dan ook al enkele indrukwekkende werken op zijn palmares. Naast een aantal liederen en pianowerken was er zijn afstudeerwerk en eenakter Aleko, die zo succesvol was dat het meteen in het Bolsjojtheater gespeeld werd. En niet te vergeten: zijn Eerste Pianoconcerto – het werk dat Rachmaninov de officiële titel ‘Opus 1’ meegaf.

Een verlammende apathie maakte zich van mij meester. Ik deed helemaal niets en vond nergens plezier in. De helft van mijn dagen bracht ik door op een bank. Ik had het opgegeven en verkeerde in grote wanhoop.

Sergei Rachmaninov

Van het slop naar de top

Het neerschrijven van een eerste symfonie is voor elke componist een symbolisch moment. Voor Rachmaninov ging deze gebeurtenis met nog meer druk gepaard na het overlijden van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski in 1893. Het publiek zag Rachmaninov namelijk als zijn grote opvolger. Jarenlang werkte hij aan zijn eerste symfonie, maar de première in 1897 was rampzalig: de aangeschoten dirigent Glazoenov zorgde naar verluidt voor een erbarmelijke uitvoering en de pers bestempelde de symfonie als ‘een evocatie van de zeven plagen van Egypte’. Rachmaninov bleef verlamd achter. Hij zakte weg in een depressie en zette drie jaar lang geen noot meer op papier: ‘Een verlammende apathie maakte zich van mij meester. Ik deed helemaal niets en vond nergens plezier in. De helft van mijn dagen bracht ik door op een bank. Ik had het opgegeven en verkeerde in grote wanhoop.’

Rachmaninov zocht hulp en vond die bij neuroloog Nikolai Dahl, die hem via hypnose van zijn componeerangst af hielp. In 1901 waagde hij zich aan een tweede pianoconcerto, en aangemoedigd door het succes ervan, ving hij in oktober 1906 zijn tweede symfonie aan. Rachmaninov was nog maar net met zijn gezin naar de rustige cultuurstad Dresden verhuisd, op de vlucht voor de aankomende revolutie. Zijn Symfonie Nr. 2 is een door en door romantisch werk, zowel qua vorm als karakter. Rachmaninov dirigeerde zelf de wereldpremière op 8 februari 1908. Het was een schot in de roos: publiek en critici loofden de lyrische melodieën en hun directe aansprekingskracht. En die lof klinkt vandaag nog steeds door: deze monumentale symfonie blijft een van de meest uitgevoerde werken van Rachmaninov.